Opnieuw een verwoestende cycloon

Locatie
Filipijnen
Auteur
Rein Haarsma Rein Haarsma KNMI, De Bilt
Gepubliceerd
Tijdschrift

Anderhalf jaar na de ramp op de Filipijnen werd opnieuw een eilandenrijk in de Grote Oceaan getroffen door een tropische cycloon in de zwaarste categorie. Cycloon Pam liet een spoor van vernielingen achter op Vanuatu, dat in meerdere opzichten in een gevarenzone ligt.

Half maart richtte cycloon Pam enorme verwoestingen aan op de eilandengroep Vanuatu in de Grote Oceaan. De kracht van cyclonen wordt uitgedrukt in waarden op de Saffier-Simpsonschaal die van 1-5 loopt. Pam was van de zwaarste categorie 5. Op het moment dat Pam over Vanuatu trok, werden windsnelheden van 250 kilometer per uur gemeten. Met een lage luchtdruk van 896 hPa in het oog van de cycloon was Pam de op een na zwaarste cycloon ooit gemeten in het zuidelijke deel van de Grote Oceaan. Net als bij de cycloon Haiyan die op 2 november 2013 over de Filipijnen trok, klonken er in de media geluiden dat de kracht van Pam te maken moest hebben met de klimaatverandering. Om die discussie te kunnen volgen, moet je iets weten over het ontstaan van cyclonen en voorspellingen aan de hand van modellen.

Warm zeewater

Tropische cyclonen komen vooral voor in de Grote Oceaan en iets minder in de Atlantische Oceaan, in de tropische zone. Wanneer het zeewater warmer is dan 27 graden Celcius treedt er veel verdamping op, wat resulteert in grote buiencomplexen waarbij veel energie vrijkomt. Onder speciale omstandigheden vormen deze buiencomplexen een grote wervel van enkele honderden kilometers doorsnede, een tropische storm. Wanneer deze wervel zich uitdiept en windsnelheden van meer dan 119 kilometer per uur bereikt, spreken we van een tropische cycloon.

De belangrijkste voorwaarden waaronder grote regenbuicomplexen kunnen uitgroeien tot tropische cyclonen zijn - behalve warm zeewater - een cyclonale (met de wijzers van de klok mee op het zuidelijk halfrond) beweging van de overheersende winden, terwijl de wind over de hele hoogtekolom nauwelijks in richting of snelheid verandert.

Door de cyclonale winden gaan de buien ronddraaien en kunnen ze een grootschalige wervel gaan vormen. Als al deze factoren samenwerken, ontstaat er een tropische cycloon. In de Grote Oceaan treden ze ongeveer 25 per jaar op, in de Atlantische Oceaan tien keer per jaar. Precies op de evenaar komen cyclonen niet voor, omdat daar geen corioliskracht bestaat. De corioliskracht hangt samen met de draaiing van de aarde en is nul op de evenaar en maximaal op de polen. Deze kracht veroorzaakt de grote wervels in de atmosfeer zoals depressies en tropische cyclonen. Zonder deze kracht zou de wind direct van hoge naar lage luchtdruk waaien.

Tropische cyclonen worden meegevoerd met de passaatwinden en bewegen daarom meestal westwaarts. Omdat de corioliskracht naar de polen toeneemt, worden ze ook in die richting afgebogen. Het tropische cycloonseizoen loopt van het eind van de zomer tot en met het najaar, wanneer het zeewater het warmst is. Voor het zuidelijk halfrond, waar Pam ontstond, is dit van januari tot en met maart. Het aantal tropische cyclonen verschilt sterk van jaar tot jaar. Gedurende een El Niño is de Grote Oceaan rond de evenaar sterk opgewarmd en komen daar extra veel cyclonen voor.

Tropisch cycloonseizoen op noordelijk en zuidelijk halfrond

Kaart COOLGEOGRAPHY.CO.UK

Klimaatverandering

Omdat in een warmer klimaat de zeewatertemperaturen stijgen, is de algemene verwachting dat tropische cyclonen sterker zullen worden. Modelberekeningen laten inderdaad een toename zien van de zwaarste categorie tropische cyclonen. Het aantal tropische cyclonen neemt volgens deze berekeningen echter af, omdat de middelste laag van de troposfeer sterker opwarmt dan het aardoppervlak en dat maakt de atmosfeer stabieler. De buiencomplexen kunnen zich dan minder makkelijk ontwikkelen tot een tropische cycloon. Maar de veranderingen zijn niet overal hetzelfde. De grootste wijzigingen lijken plaats te vinden in de Atlantische Oceaan. Voor het westelijk deel van de Grote Oceaan zijn de veranderingen beperkt. Ook de waarnemingen vertonen nog geen duidelijke veranderingen voor dit deel van de Grote Oceaan. Zeer zware cyclonen zijn het gevolg van het samenvallen van een aantal factoren. De uitzonderlijke kracht van Pam en eind 2013 Haiyan maakt dat de onderzoekswereld wel heel alert is op eventuele veranderingen door een opwarmend klimaat. Door het sporadisch voorkomen van zeer extreme cyclonen is het lastig ze direct aan klimaatverandering te koppelen. Dat Pam en Haiyan zo kort na elkaar optraden, kan puur toeval zijn. 

Ravage in Port Vila, hoofdstad van Vanuatu, nadat cycloon Pam over het eilandenrijk is getrokken.

Foto DAVE HUNT/AP/HH

Baan van cycloon Pam over Vanuatu op 13 en 14 maart 2013.

Bron © GEOGRAFIE & B.J. KÖBBEN 2015